De bal is rond

Met haar onderzoek naar de verenigingsondersteuning heeft de rekenkamer de doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid gericht op het vergroten van de sportparticipatie van de Rotterdamse burgers nader verkend. In het lopende collegeprogramma is een aantal duidelijke ambities met betrekking tot sport en sportparticipatie opgenomen. Het belang van sport is onomstreden. Sport is niet alleen leuk, maar zoals NOC/NSF stelt, sport draagt ook bij aan identiteit, het gevoel van saamhorigheid en trots. Bovendien houdt het de Rotterdammer gezond. De doel- stelling van het college om de sportparticipatie in een aantal gerichte gebieden in 2009 met tenminste 5% te verhogen is dan ook helder en relevant. Dat geldt tevens voor de instrumenten die deze verhoging moeten bewerkstelligen, zoals de verenigingsondersteuning. De brede rol van sport stelt immers hoge eisen aan sportverenigingen. Vitale verenigingen met veel leden kunnen aan die rol ook invulling geven.

Hoewel het gemeentelijk sportbeleid uiteraard uit meer elementen bestaat dan de verenigingsondersteuning, wordt door het college zelf wel een expliciet verband verondersteld tussen het door de rekenkamer onderzochte instrument en de doel- stellingen inzake sportparticipatie. Bovendien is in het kader van de uitvoering van de verenigingsondersteuning een separate organisatie actief, te weten Rotterdam Sportsupport. Deze stichting is uiteraard meegenomen in het onderzoek.

Verder is de relatie tussen verenigingsondersteuning en sportparticipatie bij een viertal deelgemeenten nader onderzocht. Achtereenvolgens zijn de deelgemeenten Charlois, Hillegersberg Seinboek, Prins Alexander en IJsselmonde in het onderzoek meegenomen. Tevens hebben binnen deze deelgemeenten nog eens 81 Rotterdamse sportverenigingen input geleverd waardoor een scherp beeld is verkregen van de mate waarin gebruik wordt gemaakt van het instrument verenigingsondersteuning. Kortom, de gehele keten van beleidsmaker tot en met gebruiker is onderzocht